Opname van:
Meditation (Prelude nr. 5, 2000)   4.27 min.



Prelude nr. 5, Meditation
, (2000) laat ook het uiterste van meditatieve verstilling horen.
Fluisterende zachtheid, voorzichtigheid en tederheid moeten hier worden uitgedrukt,
de meest breekbare diepzinnigheid....
Rond 1990 ontdekte de componist een akkoord, -wellicht geïnspireerd door Arvo Pärt...
(en de slotmaten vlak voor het einde van Skriabins Poème l’Extase...???)
-dat hij sindsdien zeer veel heeft gebruikt:
Het groot-septiem-akkoord in 4/3-ligging op de wijze zoals in maat 1.
Dit akkoord werkt zeer diepzinnig, wellicht omdat de kwint in de bas ligt.
De kwint hangt met de zielekracht van het denken, de ‘geest’ samen.
6/4-akkoorden, zoals aan het einde van ‘De 4 letzte Lieder’ van R. Strauss
werken dus zeer spiritueel, verheven en diepzinnig....
   In het Saxophoon-quartet opus 20 heeft de componist voor het eerst
een heel stuk gemaakt, gebaseerd op 6/4-akkoorden.
Sindsdien heeft hij in zeer vele stukken dit akkoord gebruikt, met name lyrisch-diepzinnige stukken,
zoals de ‘Variations’ die eindigen met een diepzinnig Adagio met dit / deze akkoord(en).
   Iedereen die dit akkoord en deze muziek (het slot van de ‘Variations’) hoort
is ook altijd zeer getroffen door de bijzondere werking van dit akkoord...
In de ‘Meditation’ heeft de componist voor het eerst een werk geschreven
waarbij hij dit akkoord laat afwisselen met een ander akkoord (maat 2), een ‘wissel-akkoord’.