Audiovoorbeelden /
Audio examples:
Provisorisch klavieruittreksel / Piano
version:
Deel 1: Prayer to
Guardian Angel -tijdsduur: 2.55 min.
Deel II: Prayer to Saint Michael
-tijdsduur: 4.10 min.
Deel III: Prayer to God our
Father -tijdsduur: 5.00 min.
3 Angel songs
opus 143
(2008)
voor (jongens-) koor en blaasorkest
Harmonie / Fanfare:
3e divisie / uitmuntend afdeling
eigen uitgave van de componist
Totale tijdsduur: 12 minuten
Deel 1: Prayer to
Guardian Angel tijdsduur:
3 minuten
Deel II: Prayer to Saint Michael
tijdsduur: 4 minuten
Deel III: Prayer to
God our Father tijdsduur: 5
minuten
------------------------------------------------------------
De teksten van ‘3 Angel songs’ opus 143
van Marc van Delft:
Prayer to Guardian Angel
Angel of God, my guardian dear,
To whom His love commits me here,
Ever this day be at my side,
To light and guard, to rule and guide.
Amen
=========================================
Prayer to Saint Michael
Saint Michael, Archangel, defend us in battle.
Be our protection against the wickedness
and snares of the Devil.
May God rebuke him, we humbly pray;
And do thou, O Prince of the Heavenly Host,
by the power of God, thrust into hell Satan and all the other evil spirits who
prowl about the world
seeking the ruin of souls.
Amen.
Pope Leo XIII
========================
God our Father,
in your loving providence
you send your holy angels to watch over us.
Hear our prayers,
defend us always by their protection
and let us share your life with them for ever.
We ask this through our Lord Jesus Christ, your Son,
who lives and reigns with you and the Holy Spirit,
one God, for ever and ever.
Amen.
==================================
Marc van Delft: ‘3 Angel songs’ opus 143 (2008)
‘3 Angel songs’ is gecomponeerd op aanvraag van (in opdracht van) dirigent Arno Groeneveld voor een concert met zijn fanfare orkest ‘Crescendo’ uit Voorthuizen (een fanfare, uitkomend in de 3e divisie, waarmee hij op 11-11-06 op voorbeeldige wijze tijdens het KNFM-concours te Hoogeveen mijn werk ‘Festival fantasy’ had uitgevoerd) en het Roder Jongenskoor.
Het Roder Jongenskoor is een zeer goed en prachtig klinkend jongenskoor dat zingt in de traditie van de Engelse Kathedraal-koren.
Het werk is gecomponeerd voor het geplande concert op 15 november 2008 in een kerk te Voorthuizen.
Het werk is zo geïnstrumenteerd dat het zowel door harmonie- als fanfare-orkesten kan worden gespeeld.
Het werk bestaat uit 3 delen:
1/ Een gebed voor onze beschermengel.
Bij voorkeur a capella gezongen door het
jongenskoor. Het heeft een teer, devoot en hemels-lieflijk gebedskarakter,
helemaal gedacht vanuit de hemelse klank van een jongenskoor. Het hemelse
karakter wordt nog versterkt door het gebruik van de ‘hemelse’ toonsoort A
groot, de toonsoort van het hemelse licht (zonnetoonsoort)….
Aangezien een jongenskoor (de jongenssopraantjes) reeds klinken als
‘engelengezang’ was een tekst met een gebed aan onze lieve beschermengel zeer
passend, immers wij stellen ons bij kinderen ook voor dat een zorgzame
beschermengel over ze waakt als ze voor het slapen gaan een gebedje bidden en ze
daarna zoet in hun bedje liggen te slapen, bovendien noemen we kleine kinderen
ook vaak ‘engeltjes’…
1/
Prayer to Guardian Angel
Preferable a capella for boys choir. Devote, prayer like character in the
‘heavenly’ tone scale A major, tone scale of the heavenly light, (tone scale of
the sun) sounding like an angelsong, with a prayer for our Guardian Angel. We
imagine that children especially are protected by angels, who watches the sweet,
innocent little child, laying in his bed…
Little children their selves are like little ‘angels’….
2/ Een gebed voor de aartsengel Michael, de strijder Gods.
Een groot contrast met het voorgaande (het kinderlijk-hemelse…) als de volwassen ‘ernst des levens’ op het spel staat…
Het begint met een majestueus, heroïsch,
fanfaresk gedeelte voor het orkest, waarin het orkest flink kan uitpakken, de
heroïsche grootsheid van Michael uitbeeldende. Dan zet het koor in met de tekst
(maat 39, blz. 19), in een wat rustiger en ingetogener karakter, de muziek volgt
nauwlettend de uitbeelding van de tekst. Het slotgedeelte is een dramatisch
D-klein-gedeelte (maat 67, blz. 26) met onverbiddelijke kwintklanken (D is de
toonsoort van Michael…) die de verbitterde apocalyptische strijd van Michael en
de door Michael beïnvloedde mensen met de machten der duisternis uitbeeldt, een
thema wat in deze apocalyptische tijden actueler is als ooit…
D klein is ook bij uitstek de toonsoort van de dood….
Het 2e deel heeft een fataal slot, het is de typische noodlotsmuziek
die bij de apocalyptische visoenen van het laatste oordeel en de aangrijpende
beelden van de Openbaring van Johannes horen, waar Michael mee in verbinding
wordt gebracht (als strijder Gods en als ‘zieleweger’ van het laatste oordeel…).
2/
Prayer to Saint Michael
Contrast with the first part: After the innocence of the world of angels and
little children praying to their Guardian angel, we come in the sphere of the
greatest earnest..
The fanfare expresses the heroic greatness of the archangel Michael.
The choir expresses the text of the prayer.
The closing part is a dramatic D minor passage (D minor is the tone scale of
‘death’) witch expresses the battle of Michael with the forces of evil in these
apocalyptic times, and a fatal end with harsh quint chords, like the final
judgement, because Michael is the archangel of the Apocalypse…
3/ Een gebed voor God onze Vader.
Het begint met een Es-dur-koraal voor het orkest, een beetje in de stijl van
mijn veel gespeelde en populaire koraal ‘a choral for a solemn occasion’.
Het is een soort berustende en verstilde bezinning na de fatale dramatiek van het eind van het 2e deel.
Hierna (maat 34, blz. 40) zet het koor in met een (bij voorkeur) ‘a capella’ gedeelte, een beetje in dezelfde sfeer als het 1e deel, waarbij weer nauwlettend de tekst wordt uitgebeeld.
Het slotgedeelte (maat 67, blz. 45) is een groots loflied op God de Vader (in G), voor koor en orkest samen, met feestelijk klokgelui, in de sfeer zoals een Hosanna of een Gloria, maar dan meer plechtig en majestueus.
Na de doodsdramatiek van het 2e deel en de berusting van het begin van het 3e deel zal dit ongetwijfeld een soort ‘opstandingskarakter’ hebben, als een ‘opstanding uit de dood’ op Paaszondag na de dramatische dood, de kruisiging van Goede Vrijdag (eind van het 2e deel) en de stilte en bezinning van de ‘stille zaterdag’ (begin van het 3e deel)….
3/
Prayer to God our Father
It begins with a choral in E flat major, somewhat like ‘a choral for a solemn
occasion’.
The choir piece has a mood which is to be compared with the first part.
The closing part is a great Gloria for God our father (in G) for choir and
orchestra with festive clock sounds, like a Hosanna, but more majestic.
After the
fatal deathlike mood of the 2nd part, this is more like a ‘resurrection from the
dead’ of an Eastern Sunday…
In dingen die met het werk samenhangen vond ik opmerkelijke getallen:
De klad-compositie voltooide ik op 07-07, en de partituur voltooide ik op 08-08!
( 7-7 – 8-8….)
De voltooiingsdatum is trouwens de opmerkelijke datum: 8-8-08.
Het 1e deel duurt 3 minuten, het 2e deel 4 minuten, het derde deel duurt 5 minuten, samen het heilige getal 12!
Marc van Delft, 8-8-08
Translation: June the 30th, 2009
========================
Inhoudsopgave:
Deel 1: Prayer to
Guardian Angel tijdsduur: 3 minuten blz. 1
Deel II: Prayer to Saint Michael tijdsduur: 4 minuten
blz. 9
Deel III: Prayer to
God our Father tijdsduur: 5 minuten blz. 32
Totale tijdsduur: 12
minuten
==================================================
Aanwijzingen voor de dirigenten:
Het 1e deel
van de ‘3 Angel songs’ opus 143 (2008) voor blaasorkest (Harmonie- of
fanfare-orkest) en jongenskoor (ook een regulier gemengd koor is mogelijk, maar
minder mooi natuurlijk…) is bedoeld om ‘A CAPELLA’ (zonder begeleiding van het
orkest) te worden uitgevoerd. Niettemin, voor het geval dat de koorpartij te
moeilijk is voor het koor om zonder begeleiding te zingen, heeft de componist
een orkestpartij gemaakt die tezamen met de koorpartij kan worden gespeeld.
Indien er een orgel aanwezig is kan het orgel ook deze patij spelen. Het orkest
en het orgel mogen echter nooit luider zijn als het koor of te dominant aanwezig
zijn, want de koorklank is het belangrijkste. Niettemin gaat mijn voorkeur
ernaar uit dat het 1e deel ‘a capella’ wordt uitgevoerd. Een andere
mogelijkheid is dat alleen de stemmen van de lagere partijen zoals de bassen en
de tenoren worden verdubbeld in de orkest- of orgelpartij, omdat deze in het
middengedeelte van het 1e deel tamelijk moeilijk zouden kunnen zijn
(kwartenakkoorden ed.) en dan kan de mooie klank van de jongenssopranen, die
‘zingen als engeltjes’ (…) toch duidelijk worden gehoord….
In de gedeelten waarbij het koor en het
orkest samen spelen en zingen heeft de componist in de dynamiek de
orkestpartij altijd een factor zachter genoteerd als de koorpartij. Dus bv. als
het koor ff zingt speelt het orkest f, zingt het koor p, dan speelt het orkest
pp etc. Dit geldt met name voor de combinatie waarvoor het werk oorspronkelijk
geschreven is: Het Roder Jongenskoor en het Fanfare orkest uit Voorthuizen. Dit
koor is niet zo groot, de alt, tenor en baspartij zijn bv. maar ieder 4-voudig
bezet. Indien het werk echter eens door een groot gemengd koor uitgevoerd zou
worden die in volume wèl tegen een blaasorkest op zou kunnen, dan komt dit
wellicht te vervallen (dat moet bij de repetities natuurlijk worden
uitgeprobeerd…). Het bovenstaande geldt voor de volgende passages: Deel 2: Maat
39-eind. Deel 3: maat
62-eind.
Voor het middengedeelte van het derde deel van de ‘3 Angel songs’, maat 34 t/m 61, geldt hetzelfde als voor het 1e deel: Dit wordt bij voorkeur ‘A CAPELLA’ gezongen, de begeleiding door orkest of orgel wordt alleen maar gespeeld indien de koorpartij te moeilijk blijkt (of het koor enorm gaat zakken…) en dient zachter te spelen als het koor en nooit te dominant aanwezig te zijn. (indien het koor zakt kan het orkest het akkoord op maat 62 een fractie eerder inzetten als het koor)
Marc van Delft
Information for the conductors:
The first part of ‘3 Angel songs’ opus 143 (2008) for wind orchestra
(symphonic band or fanfare) and boys choir (also a normal choir is possible, but
less beautiful) is meant to be sung ‘A CAPELLA’. Nevertheless, if the choir part
is to difficult for the choir to sing alone, the composer has made an orchestral
part which can be sung together with the choir part. If there is an organ, the
organ can also play this part. The orchestra or the organ are never to be louder
or to dominant, because the choir sound is the most important. Preferable the
first part is nevertheless sung ‘a capella’. Another possibility is that only
the voices of the lower parts like the basses and tenors are played in the
orchestra or in the organ, because in the middle part they may be difficult, and
the beautiful sound of the little boys = soprano part ‘singing like Angels’ are
clearly to be heard...
n the parts where choir and orchestra are playing / singing together, the composer has written the orchestra softer as the choir, because a boys choir is not a large choir. If the choir sings ff, the orchestra plays f etc. Nevertheless, if the work is performed with a large and more louder choir, the orchestra could also play somewhat louder. (part 2: bar 39-end, part 3: bar 62-end)
The middle part of the 3rd part of the ‘3 Angel songs’, bar 34-61, is preferably to be sung ‘A CAPELLA’, like part I. Orchestra or organ is only to be played if the choir part is to difficult to be sung alone (or if the choir sinks in pitch very much…) and must be much softer as the boys choir. (if the choir sinks in pitch, the orchestra can play the chord of bar 62 somewhat earlier as the choir…)
Marc
van Delft
========================================
------------------------------------
Reactie op
'3 Angelsongs' opus 143
door de dirigent van het Roder Jongens koor, Rintje te Wies:
Emailbericht van: 31-8-2008 14:45:45 West-Europa (zomertijd)
-----------------
Beste Marc,
Hartelijk dank voor de toegestuurde partituur en CD van 3 Angel songs.
Ik moet zeggen: ik ben erg onder de indruk van je compositie. Met name het eerste deel vind ik prachtig geschreven. Ik denk dat dit prima a capella gezongen kan worden.
Graag zou ik dit eerste deel al een keer willen uitvoeren (wanneer jij hiermee akkoord gaat natuurlijk) op een concert op 22 oktober van dit jaar.Zaterdag 15 november 2008 vond de première plaats van:
'3 Angel songs' opus 143
(2008)
voor blaasorkest en (jongens-) koor
van Marc van Delft
het werd
uitgevoerd door het:
Fanfare-orkest 'Crescendo' uit Voorthuizen &
het 'Roder Jongenskoor'
o.l.v. Arno Groeneveld
Koordirigent: Rintje te Wies
in de Gereformeerde kerk
Hoofdstraat 142
(Postcode: 3781)
te Voorthuizen
op:
Zaterdag 15 november
om 20 uur
-Het Roder Jongenskoor is te vergelijken met de Engelse kathedraal-jongenskoren,
zoals het Cambridge College choir ed.
Helaas was repetitietijd
te kort voor het orkest om het 2e deel van dit 3-delige werk goed in
te studeren. Dit heeft hen genoopt om dit deel te moeten laten vallen.
Aangezien zonder 2e deel (het gebed voor st. Michael) dit werk echter
verminkt zou zijn, omdat het dramatische gedeelte, waar het derde deel
a.h.w. een troostende reactie op is, dan zou uitblijven, is gezocht
naar een andere oplossing. Op verzoek van de componist speelt
organist Sietze de Vries* nu een ORGEL-IMPROVISATIE, die het dramatische
karakter van het 2e deel in het werk zal vertegenwoordigen zodat dan toch
een langzaam-snel-langzaam-snel-vorm kan ontstaan waarbij de grootse
opstandingsmuziek aan het eind van het derde deel toch het antwoord kan zijn
op de dramatische en apocalyptische muziek van het 2e deel.
Het 1e deel, een ingetogen a capella-koorstuk, een gebed voor de
beschermengel, wordt dan gevolgd door een 2e deel, een dramatisch
orgelstuk wat de hemelse strijd van Michael met de geesten der duisternis
moet voorstellen. Het 3e deel is een Gebed voor God onze vader en
begint met een troostend en ingetogen koraal, waarna het koor inzet met het
innige gebed. Het werk eindigt dan met een grootse en jubelende lofzang op
de Almacht van de Vader Gods.
_________________________
* Sietze de Vries is veelgevraagd organist en winnaar van het
Orgel-improvisatieconcours in Haarlem, 2002.
De dirigent van Crescendo heeft de componist overigens toegezegd op een later tijdstip in 2009 een concert in Den Haag te willen organiseren om de 3 Angel songs alsnog in hun geheel uit te voeren! Hij wilde daarbij een concert organiseren wat geheel aan de werken van Marc van Delft zal zijn gewijd, eventueel samen met een ander orkest. Nieuws hierover zal later volgen...